Art. 3.14 Wet IB 2001 bepaalt welke uitgaven niet aftrekbaar zijn bij de winstberekening. Dat helpt ondernemers die hun administratie en boekhouding netjes willen houden. Veel kosten tellen gewoon mee als bedrijfslast, zolang er een duidelijk zakelijk doel is. Toch zijn er uitzonderingen die je moet kennen ⚖️
Wat mag niet?
Bepaalde kosten vallen buiten de aftrek. De bekendste categorieën staan hieronder:
• Boetes. Denk aan verkeersboetes of bestuurlijke sancties
• Relatiegeschenken en representatie als je niet kunt aantonen dat het zakelijke belang overheerst
• Kosten voor eten en drinken hebben een aftrekbeperking (de forfaitaire drempel uit art. 3.15 speelt hierbij een rol)
• Privé-uitgaven die geen enkel verband hebben met je bedrijfsvoering
• Gok-, strafrechtelijke of persoonlijke levensonderhoudskosten
Wat mag wel?
Als de kosten nodig zijn voor je onderneming en bijdragen aan omzet, continuïteit of bedrijfsvoering, vallen ze meestal in de categorie zakelijke kosten. Denk aan:
• Kantoorartikelen, software, administratiekosten, opleidingen en marketing
• Reiskosten met een zakelijke reden
• Afschrijvingen op bedrijfsmiddelen
Een handige vuistregel 🎒
Kun je helder uitleggen hoe de uitgave jouw bedrijf ondersteunt? Dan zit je meestal goed. Bij twijfel helpt een kort aantekening in je boekhouding. Dat maakt je accounting overzichtelijk en fiscaal veilig.
Wil je dat jouw administratie net zo fris voelt als een nieuwe notitie-app 📱? Stuur me gerust een berichtje. Ik denk graag mee op een relaxte manier.





